Er wordt een belasting gevestigd op het ontbreken van parkeerplaatsen bij omgevingsvergunningen zoals opgelegd door de parkeernorm.
Het aantal vereiste parkeerplaatsen wordt vastgesteld volgens de regels bepaald in de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening die van kracht is op het ogenblik van de afgifte van de omgevingsvergunning.
Procedure
Het definitief aantal ontbrekende parkeerplaatsen wordt vastgesteld door het gemeentebestuur. Een speciaal daartoe opgesteld proces-verbaal van vaststelling wordt aan de belastingplichtige overgemaakt.
Motivering
Het is aangewezen om aan deze mogelijkheid concreet invulling te geven in de vorm van een belasting reglement met de volgende principes:
-
Er wordt een vergoeding gevraagd per ontbrekende parkeerplaats;
-
Standaard wordt een afwijking op maximaal 1/3 van de parkeernorm toegelaten;
-
Het college van burgemeester en schepenen stelt voor een bedrag van 15.000 euro (*) aan te rekenen;
-
Er wordt een bijkomende mogelijkheid geboden om op de overige vereiste parkeerplaatsen een afwijking te bekomen (overige 2/3 van de parkeernorm), dit is enkel de bedoeling voor projecten die het ruimtelijk rendement verhogen en waarvoor mits motivatie voorafgaandelijk een goedkeuring door het college wordt gegeven;
-
Voor deze bijkomende afwijking wordt een bedrag van 25.000 euro (*) per parkeerplaats gevraagd. Door het invoeren van dergelijke financiële compensatie wordt de kost van de ontbrekende parkeerplaats die naar het openbaar domein komt en opgevangen wordt door het lokaal bestuur opnieuw in evenwicht gebracht.
(*) Het belastingtarief is gekoppeld aan de index der consumptieprijzen en wordt jaarlijks geïndexeerd vanaf 1 januari 2027. Het aanvangsindexcijfer is het indexcijfer van december 2025. Het nieuwe indexcijfer is het indexcijfer van de maand december van het jaar dat de tariefaanpassing voorafgaat.
Realisatie autodeelsysteem
Het is mogelijk om parkeerplaatsen voor deelauto’s aan te vragen. Eén parkeerplaats voor deelauto’s dient ter vervanging van 3 vereiste parkeerplaatsen zoals opgelegd door de parkeernorm. Afhankelijk van het aantal vereiste parkeerplaatsen wordt een plafond opgelegd voor het maximaal aantal deelauto’s. Voor een omgevingsaanvraag mag per 12 vereiste parkeerplaatsen maximaal 1 deelauto meetellen ter vervanging van de vereiste parkeerplaatsen. De autodeelplaatsen moeten op het plan aangeduid worden en moeten fysiek ter plaatse (op de grond) aangeduid worden met de belettering “DEELAUTO”. Het gebruik van de deelauto(‘s) wordt als voorwaarde gekoppeld aan de omgevingsvergunning.
